Kwaliteitscriteria Omgeving - PO

Welke basiseisen stelt het Kwaliteitskader rondom de buitenactiviteiten en de omgeving van het gebouw? Hoe bereikt u de gewenste positionering, aanrijroutes en terreininrichting?  

C1. algemeen
a. Gebouw voldoet aan minimum eisen uit het vigerende Bouwbesluit
b. Gebouw voldoet aan minimale capaciteit (m2 BVO) conform verordening onderwijshuisvesting bijlage III

C2. ligging en bereikbaarheid
locatie, positionering op kavel

a. Gebouw is goed bereikbaar (bij voorkeur lopend of per fiets < 15 minuten)
b. Vanuit de omgeving is er goed zicht op het gebied rondom de entree(s)
c. Bij positionering van onderwijs- en buitenruimten is rekening gehouden met de bezonning
d. Gebouw is gelegen op meer dan 50 meter van drukke weg (binnenstedelijk, provinciaal)
e. Gebouw is gelegen op meer dan 300 meter van een snelweg
f. Aantal parkeerplaatsen voldoet aan de CROW-norm 
g. Gebouw ligt bij voorkeur in nabijheid van andere maatschappelijke voorzieningen voor kinderen

C3. verkeersveiligheid
verkeer circulerende maatregelen, aanrijroutes

a. Gebouw is via veilige loop- en fietsroutes bereikbaar
b. Verkeersstromen rondom het gebouw leveren geen onveilige situaties op

C4. buitenruimte
terrein inrichting, afwerkingsniveau, diversiteit

a. Inrichting van buitenruimte nodigt uit tot sport en spel en waar mogelijk ‘natuurbeleving’ (groen, zand en water)
b. Voorziet in minimaal 3 m2 per leerling (4-12 jarigen) (maximum 600m2 in stedelijke omgeving)
c. Voorziet in stallingsruimte voor fietsen; 1m2 per te stallen fiets (per situatie omvang onderzocht)
d. Buitenruimte bij voorkeur gesitueerd op het zuidwesten
e. Fietsen mogen de buitenruimte van kinderen niet hinderen
f. Overlast speelplaats voor aangrenzende onderwijsruimten en omwonenden is tot minimum beperkt
g. Speelplaats voor kinderen tot 6 jaar is direct vanuit de ‘eigen’ onderwijsruimte toegankelijk
h. Speelplaats heeft toegang tot minstens een toilet en een buitenkraan
i. Speelplaats heeft een relatie met groene- onverharde ruimte (groene schoolpleinen)
j. Op buitenterrein is een plek ingericht voor het (zo mogelijk ondergronds) gescheiden opslaan van afval > zie D14

C5. openbaarheid
openbaarheid, terreinafscheiding, vandalisme

a. Gebouw, terreininrichting en afscheiding nodigt niet uit tot vandalisme
b. Openbaar toegankelijke delen van buitenruimte zijn uitgerust met slagvaste buitenverlichting
c. Vluchttrappen (indien aanwezig) liggen inpandig (i.v.m. vandalisme)

Gerelateerd